King’s Day Adventure: A Dutch Orange Celebration

Fluent Fiction – Dutch
www.FluentFiction.org/Dutch
Story Transcript:
Nl: In de gezellige stad Amsterdam, is er een speciale dag.
En: In the cozy city of Amsterdam, there is a special day.

Nl: Dat is Koningsdag.
En: That is King’s Day.

Nl: Op die dag waren er drie bevriende kinderen: Anna, Pieter en Sophie.
En: On that day, there were three friends: Anna, Pieter, and Sophie.

Nl: Zij deden hun oranje kleren aan.
En: They put on their orange clothes.

Nl: Anna had een leuk hoedje op.
En: Anna wore a cute hat.

Nl: Pieter zijn overhemd was oranje.
En: Pieter’s shirt was orange.

Nl: Sophie droeg een grappige bril.
En: Sophie had on funny glasses.

Nl: Samen liepen ze door de stad.
En: Together they walked through the city.

Nl: Rondom hen was er veel plezier.
En: Around them, there was a lot of fun.

Nl: Er waren spelletjes, mensen zongen en overal was eten.
En: There were games, people singing, and food everywhere.

Nl: Je kon overal lachen en giechelen horen.
En: You could hear laughter and giggles everywhere.

Nl: Overal waar je keek, was het oranje.
En: Everywhere you looked, it was orange.

Nl: Het was druk, maar dat maakte de kinderen niet uit.
En: It was crowded, but the children didn’t mind.

Nl: Ze waren blij.
En: They were happy.

Nl: Ze gingen naar het park om spelletjes te spelen.
En: They went to the park to play games.

Nl: Anna deed mee aan zaklopen en ze viel een paar keer, maar ze lachte veel.
En: Anna participated in a sack race and fell a few times, but she laughed a lot.

Nl: Pieter deed een spel met blikken gooien en hij won een prijs.
En: Pieter played a game of throwing cans, and he won a prize.

Nl: Sophie deed een speurtocht en vond alle spulletjes.
En: Sophie went on a scavenger hunt and found all the items.

Nl: Elk kind kreeg iets leuks.
En: Each child received something nice.

Nl: Na het park gingen ze naar de grachten.
En: After the park, they went to the canals.

Nl: Ze keken naar de boten parade.
En: They watched the boat parade.

Nl: Alle boten waren versierd met oranje.
En: All the boats were decorated in orange.

Nl: Het was mooi.
En: It was beautiful.

Nl: Ze zagen zelfs een boot met een koning en koningin!
En: They even saw a boat with a king and queen!

Nl: Ze zwaaiden en iedereen zwaaiden terug.
En: They waved, and everyone waved back.

Nl: Toen ze moe waren, gingen ze naar huis.
En: When they were tired, they went home.

Nl: Ze liepen over de grachten en zagen de zon ondergaan.
En: They walked along the canals and watched the sunset.

Nl: De lucht was oranje, net als hun kleren.
En: The sky was orange, just like their clothes.

Nl: Ze aten nog een oranje tompouce naar de Nederlandse traditie.
En: They ate another orange pastry, following the Dutch tradition.

Nl: Ze waren moe, maar ze waren ook heel blij.
En: They were tired, but they were also very happy.

Nl: Die nacht gingen ze vroeg naar bed.
En: That night they went to bed early.

Nl: Ze droomden over de oranje dag.
En: They dreamt of the orange day.

Nl: Ze keken al uit naar het volgende jaar, om weer Koningsdag te vieren.
En: They were already looking forward to next year, to celebrate King’s Day again.

Nl: Het was een dag vol vreugde en plezier.
En: It was a day full of joy and fun.

Nl: Het was een geweldig avontuur geworden, ondanks de drukte in de stad.
En: It had become a great adventure, despite the city’s hustle and bustle.

Nl: Ze hadden van elke seconde genoten.
En: They had enjoyed every second of it.

Nl: Ze hadden geleerd dat samen feestvieren het leukste is wat er is.
En: They had learned that celebrating together is the best thing there is.

Nl: In de stad Amsterdam, beleefden Anna, Pieter en Sophie een avontuur en ze waren blij.
En: In the city of Amsterdam, Anna, Pieter, and Sophie experienced an adventure, and they were happy.

Nl: Ze hadden Koningsdag gevierd, van top tot teen in het oranje gekleed.
En: They celebrated King’s Day, dressed from head to toe in orange.

Nl: Ze zouden deze dag altijd onthouden.
En: They would always remember this day.

Nl: En zo eindigde hun bijzondere Koningsdag in Amsterdam.
En: And so their special King’s Day in Amsterdam came to an end.

Vocabulary Words:
stad : city
dag : day
vrienden : friends
kleren : clothes
oranje : orange
hoedje : hat
overhemd : shirt
bril : glasses
liepen : walked
plezier : fun
spelletjes : games
gelach : laughter
zingen : singing
eten : food
druk : crowded
kinderen : children
blij : happy
park : park
zaklopen : sack race
prijs : prize
speurtocht : scavenger hunt
boten parade : boat parade
versierd : decorated
koning : king
koningin : queen
zonsondergang : sunset
tompouce : pastry
traditie : tradition
nacht : night
vieren : celebrate